Hoger beroep zet tuchtzaak over contant geld op scherp
donderdag 16 april 2026 Publicaties
Een advocaat die betrokken was bij het transport van € 572.170 aan contanten uit een nalatenschap, is in hoger beroep alsnog zonder sanctie gebleven. Het Hof van Discipline komt echter niet toe aan een inhoudelijk oordeel over de vraag of sprake was van een Wwft-dienst.
Van schorsing naar niet-ontvankelijkheid
De Raad van Discipline legde eerder een (deels voorwaardelijke) schorsing op, omdat het organiseren van het geldtransport los zou staan van de erfrechtelijke bijstand en onder de Wwft zou vallen.
In hoger beroep pakt dit anders uit. Het Hof oordeelt dat het dekenbezwaar procedureel onjuist tot stand is gekomen, onder meer door een gebrekkige overdracht tussen dekens. Daarmee is het bezwaar niet-ontvankelijk.
Belang voor de praktijk
Een inhoudelijk oordeel over de reikwijdte van de Wwft blijft uit. Juist de vraag wanneer praktische dienstverlening door een advocaat daaronder valt, blijft daarmee open.
Conclusie
De zaak laat zien hoe bepalend procedurele aspecten kunnen zijn in het tuchtrecht – en dat inhoudelijke duidelijkheid soms uitblijft.
Lees het volledige artikel op Mr. Online:
Vragen over dit artikel?
Bij vragen over tuchtrecht of voor meer informatie over dit artikel kunt u zich wenden tot Suzanne Hendrickx of Bas Martens.