Onjuist AI-gebruik door advocaten onder de loep
maandag 20 april 2026 Publicaties
Het gebruik van AI-tools in de advocatuur leidt tot toenemende aandacht van zowel rechters als toezichthouders. Recente signalen laten zien dat onzorgvuldig gebruik niet zonder gevolgen blijft — al ligt de werkelijkheid genuanceerder dan sommige berichtgeving doet vermoeden.
Geen formele waarschuwingen, wel toezicht
Berichten over advocaten die tuchtrechtelijk zouden zijn gewaarschuwd vanwege AI-gebruik blijken niet terug te vinden in de rechtspraak. Waarschijnlijk gaat het om zogenoemde normoverdragende gesprekken met de deken.
Dat neemt niet weg dat het onderwerp nadrukkelijk op de agenda staat binnen het toezicht.
Rechters signaleren onjuiste en verzonnen jurisprudentie
In meerdere uitspraken constateren rechters dat processtukken verwijzen naar niet-bestaande of niet-relevante uitspraken. De indruk ontstaat dat gebruik is gemaakt van AI-tools zonder voldoende controle.
Soms blijft het bij een kritische opmerking, maar in andere gevallen wordt dit expliciet als problematisch aangemerkt.
Koppeling met artikel 21 Rv: waarheidsplicht
Het gebruik van onjuiste bronnen raakt direct aan artikel 21 Rv: de verplichting voor procespartijen om de relevante feiten volledig en naar waarheid aan te voeren.
Schending van deze waarheidsplicht kan ertoe leiden dat de rechter stellingen passeert of andere gevolgen verbindt aan het handelen van de advocaat.
Conclusie
De rode draad is duidelijk: AI kan een nuttig hulpmiddel zijn, maar vraagt om zorgvuldige controle. Rechters toetsen steeds nadrukkelijker aan de waarheidsplicht en ook dekens houden dit onderwerp scherp in de gaten.
Benieuwd naar de concrete uitspraken, de rol van de deken en hoe rechters omgaan met ‘hallucinerende’ bronnen? Lees de volledige column op Mr. Online:
Vragen over dit artikel?
Bij vragen over tuchtrecht of voor meer informatie over dit artikel kunt u zich wenden tot Suzanne Hendrickx of Bas Martens.