Schenk- en erfbelasting

Belastingplan 2026

Huwelijkse goederen gemeenschap met ongelijke breukdelen 

Indien een echtgenoot bij de ontbinding van de huwelijksgoederengemeenschap, hetzij door echtscheiding of door overlijden, meer verkrijgt dan 50 procent van de gemeenschap op grond van een verrekenbeding of afwijkende huwelijkse voorwaarden, wordt het meerdere belast met schenkbelasting of erfbelasting. Welke belasting van toepassing is, hangt af van de wijze waarop de gemeenschap wordt ontbonden. Bij echtscheiding is sprake van schenkbelasting en bij overlijden van een van de echtgenoten van erfbelasting. 

Deze wetswijziging vloeit voort op grond van jurisprudentie waardoor naar het oordeel van het kabinet op oneigenlijke gronden schenk- dan wel erfbelasting kon worden vermeden. 

Voor reeds op 16 september 2025 om 16.00 bestaande huwelijkse voorwaarden geldt deze bepaling niet. De nieuwe bepaling geldt uitsluitend voor huwelijkse gemeenschappen die na dit tijdstip zijn aangegaan. 

Schenkingen binnen 180 dagen voor overlijden 

Schenkingen die binnen 180 dagen voor overlijden plaatsvinden worden vanaf 2026 alleen nog als een verkrijging krachtens erfrecht aangemerkt. Tot op heden werden dergelijke schenkingen zowel voor de schenkbelasting als de erfbelasting als een schenking aangemerkt. Waarbij de betaalde schenkbelasting in de erfbelasting kon worden verrekend. Het gevolg van deze wijziging is dat er vanaf 1 januari 2026 geen afzonderlijke aangifte schenkbelasting meer voor dergelijke schenkingen gedaan hoeft te worden. 

Verlengen aangiftetermijn erfbelasting 

De termijn voor het indienen van de aangifte erfbelasting wordt verlengd van acht naar twintig maanden na overlijden. Dit biedt erfgenamen/executeur meer tijd voor het indienen van de aangifte. Ook het startmoment voor de berekening van de erfbelastingrente verschuift van acht naar twintig maanden na overlijden. 

Gelijke fiscale behandeling van biologische en juridische kinderen 

Biologische en juridische kinderen worden voortaan bij schenkingen en erfenissen gelijk behandeld. Biologische kinderen krijgen dezelfde fiscale vrijstellingen en tarieven als juridische kinderen. Voorwaarde is wel dat het biologisch ouderschap door middel van een DNA test wordt aangetoond. Hiermee komt een einde aan de bestaande ongelijkheid binnen de schenk- en erfbelasting. 

Heeft u vragen?

Neem contact met ons op

Ivo Janssens
Vragen over dit rechtsgebied?
Neem contact op met Ivo Janssens

Team belastingrecht

Ivo Janssens

Advocaat/Belastingadviseur/Partner

Arjan de Vos

Belastingadviseur

Actueel

Bij de tijd

dinsdag 25 maart 2025

Aandacht voor de financiering van werknemersparticipaties

werknemersparticipaties

Werknemersparticipatie is een veel gebruikt middel om werknemers te stimuleren, te belonen en te   binden aan de onderneming. Er zijn diverse vormen van werknemersparticipaties. Bij bepaalde vormen van werknemersparticipaties wordt ook een daadwerkelijke investering verwacht. Lees er meer over in deze blog. 

dinsdag 11 juni 2024

Uitspraken Hoge Raad 6 juni 2024: voor box 3 is werkelijk rendement bepalend

werkelijk rendement | Delissen Martens

Op 6 juni 2024 heeft de Hoge Raad in vijf zaken bepaald dat een belastingplichtige die in box 3 een lager rendement heeft behaald dan het fictieve rendement, alleen belast mag worden voor het daadwerkelijk behaalde rendement. Dat betekent dat de herstel- en overbruggingswetgeving die inmiddels in werking was getreden in strijd wordt geacht met het EVRM en het Eerste Protocol bij het EVRM. Dat is nogal wat. Deze blog gaat kort in op wat er is voorafgaan aan deze uitspraak en wat de gevolgen ervan zijn voor de praktijk.