Hoge Raad erkent fiscale eenheid omzetbelasting tussen Onderwijsinstelling en 'eigen' schoonmaak B.V. waardoor lagere btw last voor onderwijsinstelling ontstaat

De Hoge Raad heeft op 5 juli 2019 een tweetal arresten gewezen die direct veel aandacht trokken in de financiële pers. De Hoge Raad  heeft in de betreffende arresten erkent dat, tussen een besloten vennootschap waarin schoonmaakwerkzaamheden zijn ondergebracht, en van welke vennootschap  de aandelen werden gehouden en het bestuur werd gevormd door een Stichting die onderwijs verzorgde op diverse scholen en daarnaast ook nevenactiviteiten zoals het exploiteren van kantines op die scholen, er een fiscale eenheid voor de omzetbelasting gevormd kan worden.

Besparing btw

Het gevolg van deze structuur is dat de onderwijsinstelling geen btw is verschuldigd over de schoonmaakwerkzaamheden. Dit leidde voor de betreffende onderwijsinstelling tot een aanzienlijke besparing aan btw.

In de betreffende besloten vennootschap was personeel in dienst dat eerder in dienst was geweest van een (extern) schoonmaakbedrijf. Het betreffende (extern) schoonmaakbedrijf hield zelf toezicht op de schoonmaakwerkzaamheden en rekende daar ook een fee voor.

Erkenning fiscale eenheid 

De Belastingdienst was van oordeel dat een fiscale eenheid tussen de besloten vennootschap en de stichting niet mogelijk was omdat volgens de Belastingdienst geen sprake kon zijn, van een voor de fiscale eenheid economische verwevenheid tussen de besloten vennootschap en de onderwijsstichting  omdat de onderwijsstichting  voor een belangrijk deel niet economische activiteiten verricht. De Hoge Raad oordeelde echter dat ook bij prestaties die een ondernemer verricht voor een andere ondernemer en die dienstbaar zijn aan niet-economische activiteiten van laatstbedoelde ondernemer, er sprake kan zijn van fiscale vereiste economische verwevenheid. Dat is, zo stelt de Hoge Raad, zeker het geval indien, zoals in de beoordeelde situatie het geval is, de besloten vennootschap alleen maar schoonmaakwerkzaamheden verricht voor de onderwijsinstelling. De fiscale eenheid werd erkend, omdat ook aan de andere voorwaarden voor een fiscale eenheid was voldaan, waardoor de onderwijsinstelling aanzienlijk minder btw behoefde te betalen voor de schoonmaakwerkzaamheden.

Het opzetten van een dergelijke structuur kan derhalve tot een aanzienlijke besparing leiden, maar het heeft uiteraard ook personele gevolgen en dat zal bij het opzetten van de structuur ook goed voor ogen moeten worden gehouden.

Zelfde structuur kan ook voordelig zijn voor andere ondernemingen en organisaties

Het opzetten van een dergelijke structuur zal niet alleen voordelig zijn voor onderwijsinstellingen maar kan ook voordelig zijn voor andere ondernemingen en organisaties die vrijgestelde prestaties verrichten, zoals bijvoorbeeld instellingen op het gebied van gezondheidszorg. Een dergelijk structuur kan uiteraard voor andere (ondersteunde) diensten dan schoonmaakwerkzaamheden, die een onderwijsinstelling (of een andere instelling die vrijgestelde prestaties verricht) met regelmaat afneemt, worden gebruikt. De arresten van de Hoge Raad bieden daartoe de ruimte.  

Blog Ivo Janssens

 

Dit blog is slechts een algemene weergave van het geldende recht. Het kan op geen enkele wijze als advies in uw specifieke situatie dienen.

Gepubliceerd op: 10 juli 2019 in Belastingrecht, Ondernemingsrecht
Vragen?
Neem contact op met Ivo (I.J.) Janssens
Hoge Raad erkent fiscale eenheid omzetbelasting tussen Onderwijsinstelling en 'eigen' schoonmaak B.V.  waardoor lagere btw last voor onderwijsinstelling ontstaat
Delen:

Nieuwsbrief

Op de hoogte blijven? Wij sturen periodiek een gratis nieuwsbrief met actualiteiten op juridisch gebied.